
Call TV
Kijkers aan het lijntje gehouden
7 oktober 1995
Met Call TV zou de kijker een stem krijgen in tal van interactieve tv-programma’s. Het leken gezellige belspelletjes, maar de makers bleken vooral spelletjes te spelen met de kijker.

Programmamaker Leo Dijkgraaf ziet het liever als ‘radio op televisie’, vooral omdat er een belangrijke rol is weggelegd voor de telefoon. Dijkgraafs jongere collega Jasper Faber denkt dat Call TV vooral bedoeld is om ‘met je eigen creatieve fantasie mooie dingen te maken’. Per slot van rekening beschikt het team van Call TV over de meest geavanceerde apparatuur, maar, zo zegt Faber zelf, ‘daar is dan ook alles mee gezegd’.
Trouw, 4 oktober 1995

Veronica en Joop van den Ende Produkties beschouwen Call TV als een ‘uniek experiment en een absoluut avontuur’. De financiering moet komen uit reclame, uit sponsoring en uit de opbrengst van telefoongesprekken (wie mee wil doen moet een 06-nummer met een bepaalde prijs bellen). Behalve de 20 presentatoren en presentatrices werken achter de schermen nog een kleine zestig mensen in productionele en redactionele functies aan het mega-programma mee.
Algemeen Dagblad, 4 oktober 1995
Radio maken op televisie
Al sinds Veronica in 1975 was toegelaten tot het publieke bestel, wilde ze er eigenlijk weer weg. Ooit als commercieel merk begonnen, droomde het al die tijd van een eigen tv-station, net zoals de AVRO en de TROS. Alleen de jonge honden van Veronica durfden het aan. Nadat ze achter de schermen al RTL Veronique hadden helpen optuigen, startten ze in 1995 hun eigen commerciële avontuur. De laatste bijdrage aan de publieke zenders was met Total Recall. Het eerste uur van de film was nog op Nederland 2 te zien, maar wie de film wilde afkijken moest om middernacht naar het nieuwe commerciële net overschakelen.
Veel vertrouwde gezichten en programma’s verhuisden mee naar het commerciële Veronica, waaronder Robert ten Brink met zijn succesformule All You Need Is Love. Ook de uitbundigere vormen van liefde kregen een prominente plek in de programmering, met erotische films als perfecte invulling voor de late avond. Niet alle programma’s bleken een even groot succes. Dat met SBS6 nagenoeg gelijktijdig nog een commerciële zender in Nederland ten tonele is verschenen, zorgde voor een grotere strijd om te kijker. En om advertentie-inkomsten, natuurlijk.
Waar Veronica als publieke omroep slechts enkele avonden hoefde te vullen, hadden de programmamakers nu een zender om 24 uur per dag te vullen. De eerste weken werden de loze uren zonder programma’s gevuld met enkel het geluid van het eigen radiostation. In de studio van Aalsmeer werd ondertussen hard gewerkt aan een ambitieus project. De zender wilde ‘radio maken op televisie’ met Call TV. Van middernacht tot in de middag zouden op Veronica live programma’s te zien zijn, waarbij interactie met de kijker centraal stond. Zij konden naar de presentatoren bellen, om mee te doen met spelletjes of om hun hart te luchten. Jong tv-talent – en Jacques D’Ancona – werden aangetrokken om dit ‘megaprogramma’ te gaan maken, in de heel late en de heel vroege uurtjes van de dag.
zaterdag 7 oktober 1995, 23.50 uur
Call TV, Veronica
Aantal kijkers: ongeveer een paar duizend
De uitzending
‘Elke nacht. Elke ochtend. Elke middag. 15 uur LIVE. BEL!’ Met dikke letters en hippe muziek gaat Call TV van start. ‘Make a call. Make call tv’, is de slogan van het interactieve programma. In een promofilmpje stellen de gezichten van Call TV zich alvast voor. Jacques d’Ancona, journalist en professioneel jurylid, vertelt dat hij ’s ochtends te zien zal zijn met zijn mediarubriek De Droogkap. “Theater, kunst, literatuur”, somt hij op, “maar ook spelletjes en bellen. Heel veel bellen.” Wie liefdesperikelen heeft, kan in het weekend terecht bij Christine van der Horst. Zij presenteert ‘s nachts Het Liefdesnest. Kijkers kunnen homevideo’s insturen, of gewoon even kletsen met de blonde presentatrice. In totaal zijn er twintig presentatoren ingeschakeld om vijftien uur per dag live televisie te gaan maken.
In de nacht van zaterdag op zondag is het de beurt aan Babette van Veen en Guusje Nederhorst. De twee actrices zijn bekend van hun rol in Goede Tijden Slechte Tijden, maar treden in de weekenden op als de Callgirls, een programma voor meisjes tussen elf en achttien jaar – die nog wakker zijn. Zij kunnen bellen met al hun vragen en onzekerheden. De nacht wordt verder opgevuld door Het Liefdesnest en het ‘interviewprogramma’ Nachtbrakers, om vervolgens om 6.00 uur over te gaan naar De Wekdienst met Jessica Broekhuis. Drie uur lang deelt zij het laatste filenieuws met de kijkers en de kijkers delen hun verhalen weer met haar. Als er maar gebeld wordt naar 06-300 800, voor ‘1 GPM’: één gulden per minuut.

“Toch valt Call TV behoorlijk tegen. De bedoeling was om jonge mensen de kans te geven vertrouwd te raken met televisie en hun zo de gelegenheid te bieden ervaring op te doen met het medium. Dat zit er – en dat is jammer – helaas niet in, want Call TV is in bijna alle onderdelen van het project in de loop van zijn nu twee maanden durend bestaan gebleken niets meer te zijn dan radio. Radio waar weliswaar een televisiecamera is neergezet (…). Het tv-beeld voegt niets toe.”
Hans van Reijsen in het Algemeen Dagblad, 6 december 1995

“Dat is wat Call TV ondanks alles fascinerend maakt. Het is alsof de buurman een camera kocht, een zelfbouwzender op het dak monteerde en aan de slag is gegaan. Elk moment kan het hopeloos mis gaan. Dan komt de buurvrouw in haar duster binnen met de koffie, dan belt er een beller met zulke vuilbekkerij dat Aalsmeer flauwvalt. (…). Call TV heeft de charme van een piratenzender. Het is niks, maar het is een niks met potentie.”
Ariejan Korteweg in de Volkskrant, 8 december 1995
Geldklopperij
Het was goedkope televisie, op alle mogelijke manieren. Alle programma’s van Call TV kwamen uit dezelfde ruimte in de studio in Aalsmeer: een omgebouwd danslokaal achterin de tv-fabriek. De presentatoren kregen zo’n 150 gulden per dag. Alleen coryfee Jacques D’Ancona ving meer, biechtte hij op in het Algemeen Dagblad. Ze praatten urenlang over niks en dat bleek nog een vak apart. Regelmatig werd een beller als Petra minutenlang aangesproken met Peter of moest de presentatrice tóch een winnaar teleurstellen, als ze in haar oortje te horen kreeg dat een pinguïn toch geen ‘vogel met een P’ is.
Ondanks dat er met verschillende formats werd geëxperimenteerd, wist iedereen stiekem dat het helemaal niet om de inhoud of om de presentatoren ging. Het 06-nummer, dát was de hoofdrolspeler. Per dag belden er tussen de 10.000 en 25.000 mensen, voor een gulden per minuut. Daarvan ging er 42 cent naar de PTT, het overige bedrag was voor Veronica. “Een briefkaart sturen is duurder”, verdedigden de makers zich. Toch bleven de advertentie-inkomsten achter. Na een half jaar – en 2200 uur aan live tv – werden de nachtelijke uitzendingen gestaakt. In de jaren die volgden kreeg het programma een andere naam (Veronica Live TV) en werden de programma’s nog meer uitgekleed dan ze al waren.
Al snel omarmden ook RTL, SBS6 en later Yorin het fenomeen ‘belspel’, dat een lucratieve invulling van de zendtijd overdag bleek. Nog altijd kregen jonge talenten met tv-ambities een kans. Onder meer John Williams, Jeroen van den Boom en Kim-Lian van der Meij hielden er een serieuze carrière aan over. Veel artistieke vrijheid kenden de presentatoren niet: het ‘open podium vol creativiteit’ om jongeren te bereiken was geëvolueerd tot simpele spelletjes in een bordkartonnen decor, waarbij het voornamelijk huisvrouwen waren die naar de telefoon grepen in de hoop een leuke prijs te winnen.
De kans om te winnen met een belspel, bleek bijzonder klein. Nog kleiner dan werd gezegd, bleek uit onderzoek. Vanaf 2001 klonk daarom de roep om een verbod op dit soort ‘geldklopperij’ steeds luider in de politiek. Met de zenders en producenten werd gewerkt aan een gedragscode, om een limiet aan deelnames in te stellen en de belkosten te verlagen. Het einde van de belspelletjes werd definitief in gang gezet als RTL-directeur Fons van Westerloo begin 2007 toegeeft dat kijkers jarenlang werden bedrogen. Kijkers werden misleid, bijvoorbeeld door te bellen nadat de prijs allang was vergeven. De FIOD startte een onderzoek en viel enkele maanden later zelfs de tv-studio’s binnen, op zoek naar bewijsmateriaal over kosten, opbrengsten, deelnemers en afspraken. Eind 2007 trokken de commerciële zenders de stekker uit de belspelletjes. Een deel van de verdiende miljoenen moesten ze twee jaar later na een rechtszaak aan de Staat overmaken.
4x belspelletjes op tv
1. Game Time (1995)
Drie maanden na de start leek het al game over voor het Call TV-spel Game Time. Minister Sorgdrager van Justitie wilde een verbod op het lunchprogramma, waarin kijkers al bellend met een fruitautomaat speelden – wat indruiste tegen de gokwet. De makers pasten met tegenzin enkele spelelementen aan.
2. Woordzoeker (1999)
De Call TV-programma’s waren op de verschillende commerciële zenders een springplank voor jong talent, bijvoorbeeld voor Jeroen van der Boom en John Williams. Of het was de plek waar je belandde als je ster net was uitgedoofd, zoals de ooit gelauwerde quizmaster Hans van der Togt. In het AD blikte hij jaren later terug op zijn belspel Woordzoeker bij RTL: ‘Ik speelde bijna tien jaar lang eredivisie en ineens was ik teruggezet naar de amateurs.’
3. Brand bij Telegames (2005)
De belspelletjes waren altijd live, en dat bracht ook gevaren met zich mee. Dit keer geen schreeuwende of lollige bellers aan de lijn, maar brand! Een uitzending van Telegames werd abrupt afgebroken omdat een keuken boven de studio in Aalsmeer in vuur en vlam stond. Er vielen geen gewonden, enkel wat decors raakten beschadigd.
4. De FIOD belt (2007)
Al sinds de start van de belspelletjes was er politieke onrust, met pogingen om ze van de buis te krijgen. Een gedragscode bleek niet genoeg te zijn en steeds duidelijker werd hoe misleidend de programma’s waren. In september 2007 viel de FIOD binnen bij RTL, SBS en Endemol, om de administratie in beslag te nemen. Daarmee werd het einde van het genre ingeluid.
Bekijk meer beeldbepalende momenten uit 75 jaar tv:
© 75 Jaar TV / Menno Woudt (2026) Alle beelden behoren tot de rechthebbenden