
Het eerste televisiedebat
De Tweede Kamer in de huiskamer
10 maart 1955
Achter de schermen trokken politici aan de touwtjes van de televisie. Het was wennen toen de tv-camera’s plots in de Tweede Kamer zelf aanwezig waren: voor de politici én voor de kijker thuis.

De televisie veroorzaakt misschien een van de belangrijkste politieke ontwikkelingen van onze tijd, schreven Amerikaanse en Engelse deskundigen toen in hun landen voor het eerst staatkundige gebeurtenissen rechtstreeks in beeld aan de kiezer werden voorgeschoteld. Voor de Nederlandse democratie kan die ontwikkeling vandaag beginnen, wanneer om één uur drie camera’s van de Nederlandse Televisie Stichting in de Tweede Kamer het debat over het televisie-beleid van minister Cals gaan volgen.
de Volkskrant, 10 maart 1955

De Kamerleden hebben van de griffier van de Tweede Kamer schriftelijke aanwijzingen gekregen voor kledij en optreden voor de televisie. Schreeuwerige kleuren dienen te worden vermeden. Men verzekerde ons, dat de Kamerleden, die in het debat het woord zullen voeren, zich niet behoeven te laten grimeren.
Trouw, 9 maart 1955
Televisiedebat op televisie
De experimentele periode van de televisie liep in 1955 bijna ten einde. Op de agenda van de Tweede Kamer stond daarom een tweedaags debat over het televisiebestel gepland. Enkele belangrijke kwesties moesten worden besproken. Hoeveel uur tv per week was gewenst? Moest er kijkgeld worden ingevoerd, net zoals in andere landen? Hoe zat het met reclame op televisie? Vooral voor de omroepen was het debat over de televisienota spannend. Verantwoordelijk minister Cals wilde de Nederlandse televisie met een groter ‘algemeen programma’ minder verzuild maken. De omroepen zouden zo meer samen moeten werken onder een centrale dienst.
De vergadering in de Tweede Kamer zou om een andere reden ook een ‘televisiedebat’ worden. De NTS had inmiddels steeds meer ervaring met live verslaglegging en wilde het debat uitzenden. Minister Cals en de voorzitter van de Tweede Kamer hadden toestemming gegeven. Met drie camera’s zou op donderdag- en vrijdagmiddag live worden uitgezonden vanuit de vergaderzaal. ’s Avonds doorvergaderen kon niet: de programmering van de omroepen voor de enige tv-zender stond immers al vast.
donderdag 10 maart 1955, 12.45 uur
Televisiedebat, NTS
Aantal kijkers: circa 50.000
De uitzending
Waar normaal enkel een handjevol mensen op de publieke tribune mee kon kijken, is het nu voor tienduizenden mensen mogelijk de politiek te volgen. Op donderdag begint het debat om één uur ’s middags en eindigde om half zes. Omroepster Tanja Koen is naar Den Haag afgereisd om vooraf de kijker welkom te heten bij het debat. Aan de Kamerleden is voorafgaand gevraagd om nette en ‘geen storende’ kleding te dragen. In de zaal zelf hebben ze weinig last van de camera’s, al struikelt een enkele keer een politicus bijna over de kabels.

Op een goede twintig duizend plaatsen in ons land beleefde men dit begin van de vergadering der Tweede Kamer mee, want er stonden drie televisiecamera’s in de zaal opgesteld, die alles nauwkeurig registreerden. Beurtelings namen zij de voorzitter, de minister, de leden en de bezoekers „voor de lens” en aangezien het hier een rechtstreekse uitzending gold, konden alle bezitters van televisietoestellen voor het eerst in de geschiedenis van de Nederlandse televisie en van ons parlement getuigen zyn van een echte Kamervergadering.
Leeuwarder Courant, 11 maart 1955

Dikke kabels slingerden zich gistermiddag als zwarte slangen door de vergaderzaal der Tweede Kamer. (…) Dit eerste begin voor de televisie was hoopvol. Er was dan wat meer spanning inde Kamer voelbaar, maar voor de rest was men ondanks het speurend oog der televisiecamera toch wel zichzelf.
Provinciale Noord-Brabantsche Courant, 11 maart 1955
Mediageniek
Een positieve ontwikkeling voor de democratie, schreven de kranten na de eerste vergaderdag. Maar ook dat het een weinig spectaculair schouwspel was. De cameravoering was statisch en vooral het spreekgestoelte kwam in beeld. Of veel tv-bezitters het volledige debat hebben uitgezeten was maar de vraag. Het was wel een uniek kijkje in de Tweede Kamer en de politiek, die voorheen enkel via radio en kranten tot het publiek kwam. Enige verbazing was er over het geringe aantal Kamerleden dat bij het debat aanwezig was. Ook het weglopen tussendoor (om even te roken) en het onderling overleggen viel de tv-kijker op.
De tweede uitzenddag vanuit de Tweede Kamer verliep wederom vlekkeloos. Eén politicus viel in positieve zin op: minister Cals. Hij was uitvoerig in beeld tijdens het beantwoorden van de vragen en verraste de tv-kijker met zijn voorkomen en manier van spreken. Hij bleek wat later ‘mediageniek’ zou worden genoemd. Zo vertelde hij dat was onderzocht dat het aantal tv-toestellen de laatste weken flink was toegenomen. “Dat is natuurlijk te danken aan de spectaculaire uitzending van deze week.” Iedereen dacht dat de minister op het tv-debat doelde, maar hij vervolgde droog: “Ik bedoel natuurlijk, mijnheer de voorzitter, de interlandwedstrijd van aanstaande zondag.”
Op de televisie was te zien hoe over de toekomst van de televisie zelf werd besloten. Een ‘algemeen programma’ zou er niet komen, maar de NTS zou wel een belangrijke plek gaan innemen in het televisiebestel. Er zou kijkgeld worden ingevoerd van dertig gulden per jaar. De zendtijd zou worden uitgebreid naar twaalf uur per week. Reclame en andere commercie zouden voorlopig nog geweerd worden. Bovendien hadden zowel de tv-kijkers als de politici ontdekt wat de rol van televisie voor de democratie kon betekenen. In de jaren erna zouden er mondjesmaat meer debatten worden uitgezonden.
4x politiek op televisie
1. Een verkiezingsavondje (1956)
De eerste jaren was politiek taboe op televisie – dat hoorde meer achter de schermen thuis. In juni 1956 werd een eerste verkiezingsprogramma gemaakt vanuit de Arbeiderspers in Amsterdam, waar journalisten discussieerden over de uitslagen van de verkiezingen. Politici zelf waren niet uitgenodigd.
2. Zendtijd voor politieke partijen (1962)
Politieke partijen mochten vanaf 1925 al op de radio hun boodschap verkondigen. Vanaf 1962 mocht dat ook met beeld erbij op de televisie. Daar maakten partijen gretig gebruik van, behalve de SGP: die gingen in 2023 pas overstag door het ‘heidense medium’ in te zetten.
3. De eerste televisiedebatten (1963)
Geïnspireerd door het debat tussen Nixon en Kennedy op de Amerikaanse televisie, volgden in 1963 de eerste Nederlandse tv-debatten. Het waren vier uitzendingen met telkens twee politici, verspreid over twee weken en drie omroepen, allemaal keurig vooraf opgenomen.
4. Den Haag Vandaag (1970)
De verslagen en commentaren op het Haagse begonnen als rubriek in het NTS-programma Scala, maar werden vanaf 1970 een zelfstandig programma: Den Haag Vandaag. Met de komst van politiek duider Ferry Mingelen nam het programma een vlucht, dat aan de ene kant serieus was, en aan de andere kant licht ironisch. Uiteindelijk werd Den Haag Vandaag weer als rubriek opgenomen in NOVA.
Bekijk meer beeldbepalende momenten uit 75 jaar tv:
© 75 Jaar TV / Menno Woudt (2026) Alle beelden behoren tot de rechthebbenden