
De eerste tv-reclames
De tv gaat er ‘even tussenuit’
2 januari 1967
De televisie bereikte een groot publiek. Dat zagen bedrijven ook, die de commerciële kansen van het medium dolgraag wilden benutten. Na jarenlange strijd gaat de tv was het eindelijk tijd voor ‘de boodschappen’.

De Stichting Ether Reclame heeft alle televisie-reclame-zendtijd voor het eerste halfjaar van 1967 toegewezen en ingedeeld. Het bedrijfsleven — dat tot 15 oktober kon reserveren — heeft drie tot vier maal meer reclamezendtijd voor de televisie aangevraagd dan de stichting kon verdelen. Zoals bekend komt er met ingang van dinsdag 2 januari op beide televisienetten reclame. In het eerste half jaar van 1967 zullen per week op beide netten 95 minuten reclame komen.
Trouw, 12 november 1966

De officiële reclame zal zich bepalen tot zogenaamde bloks, die op gezette tijden worden uitgezonden. Het zijn telkens perioden van vijf minuten, bij voorbeeld voor en na het nieuws van acht uur ’s avonds, waarin de kijker een serie korte filmpjes (gewoonlijk ten hoogste dertig tot 45 seconden, dikwijls korter) te zien krijgt, die zuiver als reclame zijn bedoeld. De ondervinding in het buitenland heeft geleerd, dat de kijkers voor deze korte reclamefilms wel degelijk belangstelling hebben en er met graagte naar kijken. Ze worden evenzeer gezien als de andere programma-onderdelen.
Algemeen Dagblad, 30 december 1966
Verstoring en manipulatie
Dat de televisie als medium uitermate geschikt was voor reclame, dat stond al voor de start in 1951 vast. Bij de experimentele uitzendingen van Philips in 1949 was al reclame te zien, voor onder andere schoenen en enkele warenhuizen. Bij de komst van televisie in Nederland twee jaar later werd gekozen voor een reclameloos bestel. De politiek vond de invloed van televisie zelf al spannend en verontrustend, laat staan als reclame de kijker zou beïnvloeden. De omroepen zelf waren bang dat hun programma’s zouden worden verstoord. Vak- en consumentenbonden vreesden voor manipulatie. De dagbladen waren bang adverteerders kwijt te raken als de televisie mee zou mogen doen.
Ondertussen zaten ondernemers en bedrijven niet stil. De wilde maanden van TV Noordzee – de piratenzender die met reclame omlijst amusement flinke winsten behaalde – voerden de druk in de politiek op. Het moderniseren van het omroepbestel, met ruimte voor meer zendtijd en commercie, zorgde voor rumoer in Den Haag. In 1965 viel hierdoor zelfs het kabinet Marijnen, omdat ze niet tot een nieuwe omroepwet kwamen. Een jaar later hakte minister Marga Klompé de knoop door: programma’s zouden er voortaan even tussenuit moeten voor de boodschappen.
maandag 2 januari 1967, 18.55 uur
Reclame, Nederland 1
De uitzending
Op maandag 2 januari 1967 verschijnt het eerste reclameblok op televisie. Omroepster Anne van Egmond legt voorafgaand het concept aan de tv-kijkers uit. De uitzendingen op Nederland 1 beginnen voortaan een kwartier eerder, met na het journaal een blok van vier minuten reclame. Dit wat weekdagen betreft: op zondag is er geen reclame. Het eerste spotje dat wordt uitgezonden, is opvallend genoeg van de Nederlandse kranten. “Zeven seconden geleden begon de reclame in de televisie. U wist het uit uw krant.” De dagbladen waren weliswaar nog altijd bang voor de concurrent, maar een regeling ter compensatie van dalende reclame-inkomsten maakte veel goed.
In het eerste reclameblok eet zanger Ramses Shaffy vervolgens een chocoladereep voor energie, spelen kinderen de ‘altijd spannende’ Jumbo-spellen en raden de wasmachinefabrikanten Calgon aan. Een uur later, voor aanvang van het journaal, zijn opnieuw vier minuten reclame te zien. Zo ook een spotje van Philips van maar liefst één minuut lang, waarin enkele danseressen te zien waren. Elk blok begint en eindigt met het logo van de STER: de Stichting Etherreclame, die de reclames verzorgt.

De ontvangst van de reclame-uitzendingen bij het publiek was nogal lauw, volgens onze eerste, vluchtige indruk. Anderhalf uur nadat om vijf voor zeven de Nederlandse dagbladpers de reclame tv-uitzendingen had geopend, hadden reeds omstreeks vijfentwintig commerciële ondernemingen zichzelf of hun waren aangeprezen. „Te veel ineens”, zeiden vele kijksters. „Het gaat te vlug”, was ook een veel gehoord oordeel. (…) „Te veel herrie bij sommige reclames”, aldus een huisvrouw.
Trouw, 3 januari 1967

Op de Nederlandse tv is gisteravond de reclame van start gegaan. Het was vooral zon eerste keer wel leuk af te wachten welke firma’s zich via het beeldmedium tot de kijkers zouden richten en in welke vorm ze dit deden. Onze indruk is, dat de reclamefilmpjes vakkundig gemaakt waren en weinig of niets onderdeden voor de spots, die de Duitse tv vertoont. (…) De reclameblokjes zijn gelukkig zo over het avondprogramma verdeeld, dat ze de programma’s van Bussum volstrekt niet storen.
De Friese Koerier, 3 januari 1967
Miljoenen guldens
Over de toevoeging van reclames op televisie waren de meningen verdeeld. De een vond het plezierig om naar te kijken, al was het wel wat te flitsend, de ander had er meer van verwacht en hoorde vooral ‘holle kreten’. De wasmiddelreclame viel het minst in de smaak: was er iets mis met de nasynchronisatie? Voor de omroepen en de adverteerders was het eerste avondje reclame meer dan geslaagd. De reclames van 35 bedrijven brachten de eerste avond zo’n 150.000 gulden op. Een jaar later zou de totale opbrengst van de reclames op televisie op ruim 75 miljoen gulden liggen.
4x tv-reclames
1. Even Apeldoorn bellen (1985)
Terwijl de losgekoppelde caravan van het echtpaar de berg afrolde, verzuchtte de man: “Even Apeldoorn bellen”. De slogan van verzekeraar Centraal Beheer, met hun kantoor in Apeldoorn, werd misschien wel de bekendste van Nederland.
2. U moet de groenten van HAK hebben (1986)
In de weilanden tussen de verse groenten prees Martine Bijl 27 jaar lang de groenten van HAK aan, veelal samen met meneer De Haan. In het laatste spotje sprak ze koninklijk tot haar ‘weilandgenoten’ en sloot ze voor de laatste keer af met: “U moet de groenten van Hak hebben”.
3. Ik heb nog zo gezegd: geen bommetje! (1996)
“Al het goede komt van Melkunie-koeien”, was de eigenlijke slogan, maar de tv-kijker onthield vooral hoe Peer Mascini aan de rand van het zwembad kletsnat werd door een bommetje van een koe. “Ik heb nog zo gezegd: geen bommetje!”, brulde de acteur uit.
4. Supermarktmanager Henk van Dalen (2004)
Acteur Harry Piekema kon tien jaar lang niet rustig boodschappen doen dankzij zijn rol als supermarktmanager Henk van Dalen. Hij speelde in 153 spotjes van de Albert Heijn, wat hem zelfs een Gouden Loekie oeuvreprijs opleverde.
Bekijk meer beeldbepalende momenten uit 75 jaar tv:
© 75 Jaar TV / Menno Woudt (2026) Alle beelden behoren tot de rechthebbenden