
Youp van ’t Hek en Buckler
Hoe één cabaretier een biertje om zeep helpt
31 december 1989
Eén grapje over één biertje, voor het oog van drie miljoen tv-kijkers, en het merk ging op de fles. De oudejaarsconference van Youp van ’t Hek was om te lachen, behalve voor Heineken.

“In mijn herinnering was Wim Kan er elk jaar. Dat was dus niet zo, er zat steeds drie jaar tussen. Maar ik herinner mij uitsluitend de oudejaarsavonden waarop Wim Kan was te zien. Dat betekent dat het leuk is als zo’n conférence even de avond breekt. Zo zie ik mijn programma ook. Ik heb echt gestreefd naar een zo leuk mogelijk uur en een kwartier, een beetje in de traditie van het oudjaar. Het wordt vooral lachen.”
Youp van ’t Hek in het Limburgsch Dagblad, 29 december 1989

Van ’t Hek vertelt over de zwerver die er maar niet toe komt om te vertrekken, de dodelijke saaie mid-lifer die meedoet aan het circus, maar dan wel als het zaagsel. Kortom de ‘Buckler-drinker’ of de grensrechter wiens finest hour aanbreekt als hij in overleg met de scheidsrechter een doelpunt mag afkeuren.
de Volkskrant, 30 december 1989
Oudejaarsconference
Twee keer eerder was Youp van ’t Hek al door de VARA gevraagd om de oudejaarsconference op zich te nemen. Twee keer had hij geweigerd. Hij voelde zich nog niet goed genoeg voor de jaarlijkse cabarettraditie, om in de voetsporen te treden van Wim Kan en Seth Gaaikema. De 35-jarige artiest was doorgebroken met zijn theaterprogramma Man vermist. Een van de nummers uit zijn voorstelling, Lenen Lenen Betalen Betalen, had hij op televisie mogen brengen. Pas in 1989 accepteerde Youp van ’t Hek het aanbod om het oude jaar uit te luiden.
In oktober begon Youp van ’t Hek met de try-outs van de Oudejaarsconference. Hij had het programma in een uurtje op papier gezet. Het was niet zozeer de actualiteit, maar voornamelijk zijn ergernissen die hij in het jaar had opgebouwd die ten tonele werden gebracht. Over doorgeslagen commercie, huppelkutjes en treurige Buckler-drinkers. Dat laatste was een referentie naar het alcoholvrije biertje dat Heineken het jaar ervoor op de markt had gebracht. De verkoop was nog niet bijzonder succesvol, mede door de vele concurrentie. Bij de bierbrouwer vernamen ze vooraf dat het merk genoemd ging worden in de oudejaarsconference. Goed voor de naamsbekendheid, was de optimistische inschatting van het bedrijf vooraf.
zondag 31 december 1989, 22.28 uur
Youp van ’t Hek, Nederland 1 (VARA)
Aantal kijkers: 3.050.000
De uitzending
“Over gekke meiden gesproken: Ria Lubbers.” De vrouw van de minister-president, wordt door Youp van ‘t Hek aangehaald. De cabaretier bekent dat hij op de meest intieme plaatsen pukkeltjes krijgt als zij op de buis komt. In een interview had ze verteld dat ze het liefste een kroegje zou beginnen. “Als die een café begint, binnen een uur is de hele bar aan de Buckler”, stelt Van ’t Hek. “Buckler, dat kent u? Dat is dat gereformeerde bier. Buckler-drinkers, daar heb ik nou een hekel aan. Van die lullen van een jaar of veertig die naast je in het café staan met die autosleutels. Rot eens op, jongen, ik sta hier een beetje bezopen te worden. Ga weg gek! Ga in de kerk zuipen, idioot. Zuip dan niet, idioot!”
Vijf keer worden de Buckler-drinkers aangepakt in de oudejaarsconference. Het non-alcoholische biertje is symbool voor de vertrutting en de burgerlijkheid van Nederland. Want wat is nou de gewone man? Volgens de cabaretier is het ‘zo’n Hollandse eikel, zo’n lul, zo’n Buckler-drinker, zo’n type dat je ervan verdenkt dat hij zijn eigen caravan trekt, zo’n grensrechter.’

Als het gaat om het predikaat beste afsluiter van het jaar, dan won Van ’t Hek het zonder noemenswaardige tegenstand. Zijn verheffing van het drinken van Buckler-‘bier’ tot het universele teken van truttigheid, zette hij met een lange rij voorbeelden in de verf, zonder een moment de indruk te wekken tegen z’n kijkers te willen schurken. Alle kenmerken van de jaren tachtig kregen een logisch plaatsje aan de toog waar alleen nog Bucklers wordt gedronken.’
Trouw, 2 januari 1990

En, zonder schaamrood op de kaken een Bucklertje durven bestellen, deze week? Dat getuigt van moed. Want Youp van ’t Hek noteerde de drinkers van dit alcoholarme biermerk tijdens zijn geprezen oudejaarsconference hoog op de Nederlandse lulligheidsparade.
Nieuwsblad van het Noorden, 6 januari 1990
Bucklerlul
Het ‘razendsnelle en driftige’ debuut van Youp van ’t Hek op de Oudejaarsavond viel in de smaak, zowel bij de kijker als bij de critici. Het waarderingscijfer was een acht, een hele punt hoger dan de conference van Freek de Jonge het jaar ervoor. Terwijl de cabaretier met oud en nieuw al naar Spanje was getrokken, galmden zijn woorden in Nederland nog na. Vooral één term: Buckerlul. Het was nooit door Van ’t Hek letterlijk uitgesproken, maar het raakte al direct ingeburgerd. Wie in het café het alcoholarme biertje zou bestellen, had grote kans om voor Buckerlul te worden uitgemaakt.
Heineken was nog altijd verheugd dat de merknaam zo vaak in de conference terug was gekomen. Een woordvoerder stelde begin januari nog dat ‘Buckler niet aan te slepen is’. Dat zou snel veranderen. In de maanden erna kelderde de verkoop schrikbarend en werd het merk ingehaald door Bavaria en Amstel. In 1993 was het marktaandeel van Buckler nog maar twee procent. De vele concurrentie, de slechte marketing en de tegenvallende smaak werden als redenen voor het mislukken aangestipt. Maar er was overduidelijk nog één boosdoener: Youp van ’t Hek.
In 1993 ging Buckler in Nederland op de fles. De baas van Heineken erkende desgevraagd dat Van ’t Hek de doodklap had gegeven. Sinds de oudejaarsconference was Buckler op de ‘lijst van verboden middelen’ beland. “Ja, je moet uitkijken in Nederland wat je maakt. Die rommel heeft het gewoon niet gered”, reageerde Van ’t Hek op het besluit. De cabaretier verklaarde later dat het Heineken wellicht ook niet slecht uitkwam, om de schuld van het mislukken te kunnen afschuiven op hem. Volgens Freddy Heineken had het debacle hem zo’n 400 miljoen gulden gekost, al was dat een flink overdreven inschatting. Gelukkig voor Heineken groeide Buckler in het buitenland wél uit tot succes. En Buckler bleek voor Youp van ’t Hek ook voordelig uit te pakken. In zijn carrière mocht hij maar liefst tien keer de oudejaarsconference verzorgen.
5x cabaretiers op tv
1. Toon Hermans
De straten waren leeg, zo gaan de verhalen, toen op Eerste Kerstdag 1961 de One Man Show van Toon Hermans werd uitgezonden bij de KRO. Zeker was dat miljoenen Nederlanders zich die avond hebben bescheurd en een enkel KRO-lid zich druk maakte om dit ‘weinig religieuze vermaak’. De voorstelling werd nog meermaals met succes herhaald.
2. Wim Sonneveld
Alleskunner Wim Sonneveld was al sporadisch op de Nederlandse televisie verschenen – en ook op de Britse, waar hij voor de BBC een programma mocht maken. De speciale opname van zijn voorstelling Doe ‘ns wat, meneer Sonneveld in 1962 leverde hem een grote hit op met nummer Catootje.
3. Wim Kan
Al sinds de begintijd van televisie was Wim Kan kritisch op het medium: hij hield zijn oudejaarsconferences liever op de radio. Toch schreef hij in 1973 tv-geschiedenis, met zijn eerste tv-conference bij de VARA. Bijna negen miljoen mensen gingen met de cabaretier over de drempel het nieuwe jaar in.
4. Seth Gaaikema
Niet Wim Kan maar Seth Gaaikema was de eerste die de oudejaarsconference op televisie verzorgde. In Heer ik kom hier om te twijfelen uit 1969 kwamen grappen over dominees, hippies en agenten voorbij. Er keken zo’n vijf miljoen mensen naar, onder wie Wim Kan, die het ‘quasi-lollig en veel te familiair’ vond.
5. Herman Finkers
Tussen de oudejaarsconferences van Youp van ’t Hek, Freek de Jonge en Dolf Jansen viel Herman Finkers in 2015 op, door eenmalig het jaar uit te luiden. De cabaretier uit Twente deed dit op zijn eigen, droogkomische wijze, en met succes: er keken ruim drie miljoen mensen en uit kijkcijferanalyse bleek dat vrijwel niemand was weggezapt.
Bekijk meer beeldbepalende momenten uit 75 jaar tv:
© 75 Jaar TV / Menno Woudt (2026) Alle beelden behoren tot de rechthebbenden