
De eerste voetbalwedstrijd
Oranje in de huiskamer
14 mei 1952
De populairste sport van het land bekijken, gewoon vanuit je luie stoel. De eerste voetbalwedstrijd van Oranje op televisie was een schot in de roos. De wedstrijd bracht de bal aan het rollen voor meer live-sport op de beeldbuis.

Zoals wij gisteren al meldden heeft het bestuur van de K.N.V.B. aan het bestuur van de televisiestichting toestemming gegeven de landenwedstrijd Nederland- Zweden op 14 Mei bij wijze van proef uit te zenden. Het K.N.V.B.-bestuur heeft dit besluit genomen, omdat op die dag geen andere voetbalwedstrijden worden gespeeld.
De Maasbode, 18 april 1952

Van de zijde van de Nederlandse Televisie Stichting vernemen wij nog dat in verband met het feit, dat de wedstrijd inde avonduren wordt gespeeld, het waarschijnlijk slechts mogelijk is de eerste helft van de wedstrijd uitte zenden.
Provinciale Drentsche en Asser courant, 18 april 1952
Van de studio naar het voetbalveld
Het was niet de allereerste voetbalwedstrijd die op een televisiescherm in Nederland te zien was. Voor de primeur daarvan moest – hoe kan het ook anders – worden afgereisd naar Eindhoven. Daar maakte regisseur Erik de Vries zich op voor de eerste rechtstreekse buitenreportage. Voor Philips Experimentele Televisie werden op zondag 10 september 1950 twee camera’s naar het stadion gebracht: een op de hoofdtribune en cameraploeg en wagen bij het doel. De wedstrijd ging tussen PSV en EVV (FC Eindhoven). PSV won met 2-1, maar voormalig topman Anton Philips sprak: “Naar mijn smaak is het 10-1 voor de televisie.” Buiten het stadion kon een handjevol mensen meegenieten van de wedstrijd.
Dat sport en televisie een goede combinatie waren, was vanaf het begin al duidelijk. Maar wel een dure en vaak praktisch onhaalbare combinatie. Het aanbod van sport op televisie werd in het eerste uitzendjaar daarom vaak bepaald door wat live kon worden uitgezonden vanuit de studio in Bussum. Zo zond de AVRO een demonstratie gewichtheffen uit en werden er hometrainers de studio in gereden voor een stukje wielrennen.
Twee jaar na de eerste voetbalwedstrijd zou de bal weer gaan rollen op televisie, en wel met een Oranjewedstrijd: Nederland-Zweden. Een rechtstreeks overgebrachte werkelijkheid, dat zou ongetwijfeld voor grote drukte in de cafés met televisie zorgen. Enkel de eerste helft zou worden uitgezonden, zo was vooraf bekendgemaakt: het zou anders te donker worden.
woensdag 14 mei 1952, 19.00 uur
Interlandvoetbalwedstrijd Nederland – Zweden
De uitzending
Omroepster Mies Bouwman kondigt de voetbalwedstrijd aan. Aad van Leeuwen en Hans Boekman verzorgen live het commentaar. Drie camera’s leggen de wedstrijd vast: twee op de tribunes aan de korte zijde van het veld en één op het dak van het Olympisch Stadion. De regie was in handen van Erik de Vries.
De wedstrijd zelf was met een uitkomst van 0-0 niet bepaald spannend. Het televisiewerk daarentegen wel. Doordat de wedstrijd iets vroeger begon en door een kortere rust, kon de gehele wedstrijd live worden uitgezonden. Een vlekkeloze uitzending, op een klein technisch mankement vlak voor de rust na: de kijkers moesten het tien minuten zonder geluid en commentaar doen.

Van kwart voor zeven tot kwart voor negen is de televisiekijker regelrecht bij het spelverloop in het stadion betrokken geweest, op sommige momenten zelfs beter dan menige toeschouwer op de tribunes. (…) De kijkers hebben de bal praktisch geen ogenblik uit het beeld gemist en met het knappe en flitsende samenspel der camera’s – op de eretribune, achter een der doelen en in een bocht van het veld – werd de behoefte aan actie vrijwel volledig bevredigd.
de Volkskrant, 15 mei 1952

Het zal nog wel even duren, voordat het aantal tv-kijkers naar zo’n wedstrijd dat dergenen, die gisteravond de Stadiontribune bevolkten, zal benaderen, maar er bestaat een goede kans, dat dit dan alle kijkers zullen zijn, die door televisie voor de voetbalsport zijn gewonnen en dat is nog wel de voornaamste verdienste van deze welgeslaagde demonstratie, die bewijst, dat de sportbeoefening van TV geen concurrentie behoeft te vrezen, docht daarbij integendeel slechts wel kan varen, evenals dit met andere cultuuruitingen het geval zal zijn.
Algemeen Handelsblad, 15 mei 1952
Spelen in zwart-wit
De reacties waren lovend. Op sommige momenten kon je het zelfs beter zien dan menig toeschouwer op de tribunes, schreef de Volkskrant. Toch waren er wel wat kritiekpuntjes, voornamelijk op het gebied van kleding van de spelers. Beide ploegen droegen witte broeken, de Zweden hadden blauwe shirts, Nederland natuurlijk oranje. In zwart-witbeelden was dit nauwelijks van elkaar te onderscheiden. Alleen de zwarte sokken van de Zweedse spelers boden op het einde nog enige houvast. Waardering was er wel voor het omwisselen van de bruine bal voor een wit exemplaar aan het begin van de wedstrijd, zodat deze ook in de toenemende duisternis goed was te volgen. Oranje had dan wel niet gescoord, de televisie zeker wel.
5x sport op televisie
1. PSV-Eindhoven (10 september 1950)
Het allereerste voetbal op televisie was een wedstrijd tussen EVV (het huidige FC Eindhoven) en PSV. Op zo’n achthonderd toestellen in Eindhoven en omgeving was het duel te bekijken, als onderdeel van het Philips-experiment. Met twee camera’s werd de wedstrijd opgenomen: één op de tribune voor het totaalbeeld, één achter het doel.
2. Nederland-België (19 oktober 1952)
Niemand was geïnteresseerd wie er zou gaan winnen, maar wel in de vraag: hoe goed zal de beeldkwaliteit zijn van deze interland vanuit België? Uitstekend, was het oordeel: een technisch hoogstandje! Alleen in Friesland en Limburg waren niet alle negentig minuten even goed te volgen.
3. WK Voetbal (1954)
De zomer van 1954 was het hoogtepunt voor voetbal- en tv-liefhebbers. In het kader van de Eurovisie-samenwerking werden maar liefst negen wedstrijden van het wereldkampioenschap voetbal in Zwitserland uitgezonden. Miljoenen Nederlanders zagen hoe West-Duitsland verrassend Hongarije versloeg in de finale.
4. AVRO’s Sportpanorama (1957)
De allereerste echte sportrubriek was slechts maandelijks te zien, twintig minuten lang. In de loop der jaren maakte de sport meer plaats voor amusement.
5. Sport in Beeld (5 april 1959)
Elke omroep bracht afzonderlijk al sport in beeld, maar besloten na jaren de handen ineen te slaan voor een gezamenlijk programma: Sport in Beeld. Op de late zondagavond zag de kijker flitsen van voetbal, hockey, atletiek en wielrennen. In de jaren erop versloeg het programma meer urgente sportevenementen en kreeg het een nieuwe naam: Studio Sport.
Bekijk meer beeldbepalende momenten uit 75 jaar tv:
© 75 Jaar TV / Menno Woudt (2026) Alle beelden behoren tot de rechthebbenden